Home » Maatschappelijke partners » blog » Afgekickt van GHB, maar een normale woning krijgen lukt niet

Afgekickt van GHB, maar een normale woning krijgen lukt niet

Gepubliceerd op 5 januari 2020 om 14:35

ROOSENDAAL/BREDA - De Bredase Merel* liet haar GHB-verslaving enkele jaren geleden al achter zich. En ze weet wat ze wil: een normaal leven, in een normaal huis, waar ze haar kind weer bij zich heeft. Maar dat normale leven lijkt ver weg, omdat het met dat normale huis niet wil lukken.

 

Verslavingszorgorganisatie Novadic-Kentron en de Bredase wethouder Miriam Haagh beamen het volmondig: zonder stabiele woonsituatie is het lastig, soms onmogelijk, om af te kicken of afgekickt te blijven. Maar: er is een groep verslaafden en ex-verslaafden die er simpelweg niet in slaagt die woning te vinden.
Gevangenis

Merel bijvoorbeeld. Zij woonde ooit in een huurwoning, tot ze verslaafd raakte aan GHB. Ze bouwde een huurschuld op, deed ‘dingen die niet horen’ en belandde in de gevangenis. 

Toen ze na haar vrijlating weer op zoek ging naar een woning, stond ze vanwege die huurschuld en overlastmeldingen op een zwarte lijst. Dus verhuren corporaties in de regio haar via de reguliere weg geen huis meer. Ook niet nu ze clean is en bezweert dat ze geen overlast meer wil veroorzaken.

 

Haar zoektocht naar woonruimte duurt inmiddels vijf jaar. Merel werd een sofahopper: iemand die steeds bij andere bekenden slaapt. ,,Soms op een ‘goede bank’, soms op een slechte – bij mensen die je liever mijdt, als je van de GHB af wil blijven.” Maar wie dakloos is, kan niet kieskeurig zijn.

Te lastig’

Ze belandde ook op adressen waar feestjes waren tot in de late uurtjes, of luidruchtige ruzies. Haar naam is bij corporaties bekend in verband met overlast. En daardoor willen ze haar nog steeds geen woning toewijzen. Oók niet in het kader van trajecten die bedoeld zijn voor mensen zoals zij, zoals Housing First. Ze is ‘te lastig’, zelfs binnen een doelgroep waarin maatwerk de standaard is.

 

,,Het idee achter Housing First”, zegt Alex van Dongen van Novadic-Kentron, ,,Is dat je mensen die dakloos zijn éérst huisvesting biedt. Vanuit de stabiliteit die een woning biedt, kun je vervolgens andere problemen aanpakken.”

,,Maar wanneer mensen net in zo’n woning komen zijn ze vaak nog verslaafd; de kans dat ze overlast veroorzaken is dan groter. Dat je mensen daarom afwijst is vanuit corporaties begrijpelijk, maar het is ook een zwakte in het systeem.”

Geen blauwdruk

,,Als je het over deze problematiek hebt, is er geen blauwdruk”, zegt Natasja van Meer, beleidsadviseur maatschappelijke opvang en verslavingszorg bij de gemeente Breda. Breda is als centrumgemeente verantwoordelijk voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen in Breda en omliggende gemeenten; Bergen op Zoom is verantwoordelijk voor het westelijk deel van de regio.

 

Deze centrumgemeenten maken afspraken met zorginstanties, verzekeraars en corporaties over begeleiding en huisvesting van onder meer daklozen en mensen met verslavingsproblemen. ,,Je moet daarbij bij elke persoon opnieuw kijken wat echt helpt”, zegt Van Meer. Dat kost tijd en (veel) overleg, met een hele batterij partners.

De Bredase wethouder Miriam Haagh: ,,Meestal heb je te maken met een combinatie van problemen. Verslaving kan een oorzaak zijn, maar ook een gevolg.” 

Is iemand bijvoorbeeld dakloos geworden door een verslaving, of verslaafd omdat ze dakloos werd? Is misschien sprake van een lichte verstandelijke beperking of onderliggende psychiatrische problemen? ,,Dat moet je helder hebben. Maar dat kost tijd: wij hebben als gemeente zelf bijvoorbeeld niet de expertise om te beoordelen of sprake is van een verstandelijke beperking. Daarvoor hebben we anderen nodig.”

Hulp

En áls de context helder is, is opnieuw een hele reeks partners nodig om hulp in te richten. Een eigen woonruimte of een vorm van beschermd wonen is daarbij altijd een vereiste - eentje waarvoor doorgaans medewerking van een corporatie nodig is.

Af en toe, zoals bij Merel, kan het voorkomen dat iemand door een volhardend ‘nee’ van corporaties jaren ongewild dakloos blijft. Dat het zó lang duurt, dat zijn zeldzame gevallen - volgens Van Meer op de vingers van een hand te tellen.

 

,Er valt met corporaties echt heel goed te praten, zeker als zorginstellingen of de gemeente betrokkenen nog een tijd begeleiden. Maar als sprake is geweest van zéér zware overlast, of opvallend veel overlast, kan het gebeuren dat we geen ‘ja’ krijgen.”

 

 

Het grootste deel van 2019 woonde Merel antikraak. Een periode van rust: ze kon regelmatig naar therapie, rondde openstaande werkstraffen af. Maar in de eerste week van december eindigde de huurperiode. Dus staat ze wéér op straat. Particuliere huur dan? Met haar uitkering is ze op die krappe markt nooit de aantrekkelijkste huurder: ze is al 57 keer afgewezen. ,,Ondertussen denk ik: laat ook maar. Er komt toch nooit een plekje voor mij.”

 

 


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.